Vrijheid van meningsuiting en censuur op sociale media

logo blog uit de communityAuteur Jan Vael

Hoe controversiëler het onderwerp, hoe groter de kans dat lezers een kranten- of tijdschriftartikel online gaan becommentariëren. Titel, inleiding en begeleidende foto moeten die kans nog verhogen en slagen daar meestal met brio in. En hoe meer comments en shares via Facebook en andere sociale media, hoe beter uiteraard voor het mediabedrijf in kwestie. Althans voor zijn visibiliteit en naambekendheid. Want laten we wel wezen: de manier waarop al die reacties (al dan niet) gelezen en gemodereerd worden door diezelfde media, is op zijn zachtst uitgedrukt voor verbetering vatbaar. Meer lezen

Wikipedia-logoRechtsbronnen

Vrijheid van meningsuiting is de vrijheid van burgers om hun overtuigingen kenbaar te maken, zonder voorafgaande controle door de staat.

De vrijheid van meningsuiting is o.a. verankerd in artikel 10 EVRM, artikel 19 IVBPR en artikelen 19 en 25 Belgische Grondwet.

In België heeft het verdrag directe werking: de desbetreffende rechterlijke macht moet alle wetgeving en bestuur direct aan het EVRM toetsen (Art. 94 Grondwet).

Vrijheid van meningsuiting is de vrijheid van burgers om hun overtuigingen kenbaar te maken, zonder voorafgaande controle door de staat.

Het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM)

De nationale rechtsmiddelen moeten echter uitgeput zijn voordat men zich tot Straatsburg wendt, want er moet eerst tot aan de hoogst mogelijke rechterlijke instantie zijn geprocedeerd zonder resultaat. Dit komt echter nauwelijks voor. De burger kan immers een beroep doen op het EVRM, aangezien het algemeen verbindende rechtsbepalingen zijn, zodat de rechter het beroep op het EVRM zal accepteren en toepassen.

Legaliteitsbeginsel

In het strafrecht betekent het legaliteitsbeginsel (hier ook wel nulla poena beginsel genoemd), dat een gedraging alleen strafbaar kan zijn als er op het moment van plegen een wet bestond die de gedraging strafbaar stelde. Met andere woorden, een daad kan niet met terugwerkende kracht strafbaar gemaakt worden.

Als de strafbaarheid van een delict is opgeheven of verlaagd tussen het moment van plegen en het moment waarop iemand voor die daad vervolgd wordt, moet de verdachte ongestraft blijven, respectievelijk de lagere straf worden opgelegd. Het beginsel is ook vastgelegd in enkele internationale instrumenten bijvoorbeeld in artikel 7 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), en in artikel 15 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten. Dit beginsel is eigenlijk een onderdeel van de idee dat een bestraffing alleen gerechtvaardigd kan zijn, als iemand wist of had kunnen weten dat wat hij of zij deed verkeerd was en die persoon de keuze had het wel of niet te doen. Iemand kan niet weten, wat er in de toekomst voor regels worden gesteld.

Reikwijdte van het strafrechtelijke legaliteitsbeginsel 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s